Onroerende- en roerende zaakbelasting
(bedragen x €1.000) | ||||
Belasting | Begroting na wijziging | Rekening | Verschil | Verschil in % |
|---|---|---|---|---|
OZB-opbrengst | 34.575 | 34.740 | 165 | 0,48% |
(bedragen x €1.000) | |||
|---|---|---|---|
Belasting | Begroting na wijziging | Rekening | Verschil |
OZB eigendom woning | 19.259 | 19.315 | 56 |
OZB eigendom courante niet-woningen | 9.492 | 9.553 | 61 |
OZB gebruik courante niet-woningen | 5.824 | 5.872 | 48 |
Totaal | 34.575 | 34.740 | 165 |
De begrote belastingen 2025 zijn bij de eerste tussentijdse rapportage verhoogd met €721.000
naar €34.575.000. Oorzaken hiervan zijn toename van het areaal met €164.000 en €557.000 als gevolg van waardestijging.
(bedragen x €1.000) | ||||
Omschrijving | Begroting na wijziging | Rekening | Verschil | Verschil in % |
|---|---|---|---|---|
RZB-opbrengst | 12 | 5 | -7 | -55,00% |
De roerende-zaakbelasting wordt vooral geheven over woonwagens en woonboten. Het tarief is gelijk aan het tarief van de OZB. De werkelijke opbrengst is iets lager dan begroot. De waardering van de roerende zaken verloopt via de landelijke taxatiewijzer. Zodoende is de waardering uniform.

