Samenvatting
In 2025 zijn geen nieuwe leningen aangetrokken en is een lening verstrekt. In het gehele jaar was er sprake van een ruim liquiditeitsoverschot, waardoor een voordeel op de rentebaten is gerealiseerd waardoor de omslagrente verlaagd kon worden. Op het gebied van het risicobeheer zijn de limieten voor renterisico, kasgeld en het schatkistbankieren niet overschreden.
Beleidskader
Het Treasurybeleid van de gemeente Deventer is vastgelegd in het Treasurystatuut. De laatst vastgestelde versie van het statuut is uit 2021. Aanvullend is een beleidskader 'Verlenen van garanties en het verstrekken van geldleningen' uit 2020 van toepassing.
Het Treasurystatuut beschrijft de volgende doelstellingen:
- het waarborgen van een blijvende toegang tot de kapitaalmarkt om de beschikbaarheid over voldoende financiële middelen zeker te stellen;
- het beheersen van financiële risico’s (renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s);
- het realiseren van zo laag mogelijke kosten (rente, provisies en kosten van het betalingsverkeer) en het zeker stellen van voldoende liquiditeit.
In de praktijk betekent dit dat complexe en risicovolle producten worden vermeden. Er worden enkel onderhandse leningen aangegaan bij financiële instellingen in de euro-valuta. De gemeente verstrekt alleen leningen in het kader van de publieke taak. Tijdelijke overtollige liquiditeiten worden ondergebracht bij het schatkistbankieren van de Rijksoverheid.
Het Treasurybeleid heeft geen winstoogmerk. Uitgangspunt is dat alle rentelasten intern worden doorbelast aan de investeringen voor onder andere grondexploitaties, kapitaalgoederen, deelnemingen en leningen aan verbonden partijen. Hiervoor wordt jaarlijks een omslagrente bepaald waarmee een neutraal renteresultaat kan worden bereikt.
Voor de beheersing van risico’s dient de gemeente te voldoen aan een aantal limieten:
- Renterisiconorm: het totale bedrag aan langlopende schulden wat in een kalenderjaar wordt afgelost of een renteherziening kent mag maximaal 20% bedragen van de totale gemeentebegroting.
- Kasgeldlimiet: het totale bedrag van kortlopende schulden (na aftrek van vlottende middelen) mag maximaal 8,5% bedragen van de totale gemeentebegroting.
De gemeente is ook verplicht te schatkistbankieren: liquide middelen dienen bij de schatkist te worden aangehouden met uitzondering van maximaal 2% van het begrotingstotaal voor het dagelijkse betaalverkeer..
Aangetrokken leningen
Huidige liquiditeits- en rentepositie
De gemeente beschikte over heel 2025 over ruime liquide middelen. Dit is een gevolg van positieve rekeningresultaten, voorschotten van het Rijk en vertragingen in de investeringen.
Financieringsstrategie
Gegeven de doelstellingen van het Treasurystatuut worden alleen nieuwe langlopende leningen aangetrokken als er een concrete financieringsbehoefte is. Dit wordt gedurende het jaar gemonitord. Tijdelijke financieringsbehoefte wordt opgevangen met de rekening-courant ter hoogte van €28 miljoen en de mogelijkheid kort lopende leningen af te sluiten.
Rentevisie
De rente op de kapitaalmarkt is gebaseerd op verschillende ontwikkelingen, waaronder de inflatieverwachting, het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) en de kredietwaardigheid van de Nederlandse overheid ten opzichte van andere landen. De rente op lang lopende rente is het afgelopen jaar gestegen van 2,6% eind 2024 naar 3,3% eind 2025 (looptijd 10 jaar). Voor een looptijd van 40 jaar is de rente sterker gestegen naar 4%.
Deze ontwikkeling wordt mede veroorzaakt door de tendens in Duitsland en Frankrijk meer overheidsschulden aan te gaan. Deze hoger overheidstekorten en hogere schuldniveaus in grote lidstaten. (o.a. toename defensie-uitgaven en investeringsprogramma's) en de marktverwachting van langdurige hoge overheidsuitgaven in Duitsland/Frankrijk (defensie, energie, infrastructuur) zijn hier onderliggende factoren. Eurozone-obligatierentes lopen hierdoor op.
De korte rente is gedaald van 2,9% naar 1,9%. De verwachtingen zijn stabiel met gematigde inflatieverwachtingen en gelijkblijvende ECB rente. De belangrijkste factoren zijn de economische ontwikkeling en het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB).
De macro-economische situatie en inflatieverwachting
De economie is relatief stabiel met een gematigde groei. De inflatie in de eurozone is in twee jaar gedaald, van 5,4 procent in 2023 naar 1,7% begin 2026. In Nederland is de inflatie hoger, en daalt minder snel. Van 4,1% in 2023 naar 2,2% begin 2026. Ondanks een positieve vooruitblik zijn er aantal belangrijke risico’s, zoals de onzekere ontwikkeling van de internationale handel en veiligheidsdreigingen.
In de Eurozone is de groeiverwachting: matig maar stabiel herstel (1,2%-1,4%). De inflatie is onder controle, terug naar bijna 2%.In Nederland is de groeiverwachting: vergelijkbaar met eurozone, maar iets gevoeliger voor binnenlandse knelpunten (o.a. arbeidsmarkt, elektriciteitsnet, stikstof). De Inflatie daalt geleidelijk maar ligt structureel hoger dan in de eurozone (2,3%-2,4%)
Het beleid van de ECB
De ECB beleidsrente (de deposit facility rate) van 2,00% is vijf opeenvolgende vergaderingen ongewijzigd gelaten. De ECB heeft geen voorspelling gedaan over verdere renteverlagingen, en beslist op basis van de laatste stand van de (onderliggende) inflatiecijfers en economische indicatoren. Er wordt in de markt dit jaar geen verlagingen of verhogingen verwacht.
Conclusie
De vooruitzichten zijn positief, met een grotere kans op lagere dan op hogere rente. De rente is het afgelopen jaar gestegen, . Bij de schatkist ontvangen wij begin 2026 op ons saldo een vergoeding van 1,9%, dit is ruim een procent-punt lager dan een jaar geleden en twee procentpunt lager dan twee jaar geleden.
Langlopende geldleningen (> 1 jaar)
De omvang van de langlopende leningenportefeuille tot 31 december 2025 is opgenomen in de volgende tabel. De liquiditeitspositie is dit jaar positiever dan geraamd, onder andere door meevallers in het gemeentefonds. Hierdoor is de geraamde nieuwe lening niet nodig geweest.
(bedragen x €1 miljoen) | ||
|---|---|---|
Aangetrokken financiering | Primitieve begroting | Rekening |
Stand per begin jaar | 146,1 | 146,1 |
Contractuele aflossingen | 16,9 | 16,9 |
Nieuwe leningen | 21,0 | 0,0 |
Stand per einde jaar | 150,2 | 129,2 |
Kortlopende schulden (< 1 jaar)
De gemeente beschikt over een rekening-courant kredietfaciliteit met een maximum van €28 miljoen. Deze wordt gebruikt om schommelingen in het rekeningsaldo op te vangen en is in het afgelopen jaar toereikend geweest. Er zijn geen andere kortlopende schulden.
Verstrekte leningen
Samenstelling bestaande leningenportefeuille
Onderstaande tabel toont een overzicht van de verstrekte leningen waarin geen afwijkingen van de begroting zijn te melden.
(bedragen x €1 miljoen) | ||
|---|---|---|
Verstrekte leningen | Primitieve begroting | Rekening |
Stand per begin jaar | 17,4 | 17,4 |
Contractuele aflossingen | 0,8 | 0,8 |
Nieuwe leningen | 0,0 | 2,1 |
Stand per einde jaar | 16,6 | 18,7 |
Onderstaande tabel toont een overzicht van het uitstaand saldo per tegenpartij per 31-12-2025.
(bedragen x €1 miljoen) | |
Leningnemer | Saldo per 31-12-2025 |
|---|---|
Sportbedrijf Deventer N.V. | 10,88 |
Go-Ahead Eagles | 3,61 |
Het Groenbedrijf B.V. | 2,13 |
Enexis | 1,35 |
Escohold | 0,42 |
Mimik | 0,32 |
Totaal | 18,7 |
Renteresultaat
Interne doorberekening van de rente
Het financieringsbeleid van de gemeente gaat uit van integrale financiering. Uitgangspunt is dat het taakveld Treasury een neutraal renteresultaat kent, dat bereikt wordt door alle netto rentelasten door te belasten aan de programma’s op basis van de activawaarde als onderdeel van de kapitaallasten. De rente die voor deze doorberekening wordt gebruikt, is de omslagrente. Bij de bepaling van de rentelasten worden niet alleen de externe rentelasten meegenomen, maar ook de rentebaten op verstrekte leningen en de interne rentetoerekening aan reserves en voorzieningen. Vanaf boekjaar 2025 wordt dezelfde rente aan grondexploitaties toegerekend.
Renteresultaat
Onderstaande tabel toont het renteresultaat voor 2025 zoals primair begroot, bij de bijstelling bij de tweede kwartaalrapportage en de realisatie. De getoonde verschillen komen voort uit afwijkingen in de externe rentelasten en -baten en de omvang van de balansposities waaraan de omslagrente wordt doorberekend.
De gehanteerde algemene omslagrente voor 2025 is bij de begroting vastgesteld op 1,7%. Gedurende het jaar is gemonitord of de afwijking tussen de vooraf bepaalde omslagrente en de daadwerkelijke gemiddelde rentelasten meer dan 25% bedraagt. In dat geval vindt correctie plaats. Door de hogere rentebaten is een correctie nodig geweest, en is de omslagrente verlaagd naar 1,4%. Hierdoor is het renteresultaat binnen de wettelijke marges gebleven. Renteresultaten worden verrekend met de generieke weerstandsreserve.
(bedragen x €1 miljoen) | |||
|---|---|---|---|
Renteresultaat | Primitieve begroting | Begroting na wijziging | Rekening |
Rentelasten | |||
Rente korte financieringsmiddelen (lasten -/- baten) | 0,00 | -1,82 | -1,82 |
Rente langlopende geldleningen (lasten -/- baten) | 7,23 | 5,10 | 5,00 |
Rente toegerekend aan eigen vermogen | 0,55 | 0,68 | 0,55 |
Rente toegerekend aan voorzieningen | 0,95 | 0,95 | 0,95 |
Totaal lasten | 8,73 | 4,92 | 4,68 |
Renteopbrengsten | |||
Doorberekening aan activa (omslagrente) | 7,05 | 5,31 | 5,31 |
Totaal opbrengsten | |||
Renteresultaat | 0,59 | 0,39 | 0,63 |
Risicobeheer
Inleiding
De belangrijkste risico’s van het geldbeheer zijn het renterisico, liquiditeitsrisico en kredietrisico. Deze paragraaf beschrijft de wijze waarop de gemeente Deventer met deze risico's omgaat en welke normen hierbij gelden.
Renterisico op langlopende financiering
Stijgende rente op de kapitaalmarkt kan leiden tot hogere rentelasten dan is begroot. Dit treedt op bij herfinanciering van aflopende leningen waarbij het verschil tussen de oude en nieuwe rente tot hogere rentelasten kan leiden. Ook een hogere totale schuld zal tot hogere rentelasten leiden. De renterisico’s op de langlopende financieringsmiddelen worden beperkt door de renterisiconorm. Deze (wettelijke) norm bepaald dat de renterisico’s van renteherziening en herfinanciering niet hoger mag zijn dan 20% van de totale lasten op de begroting. Het doel van de renterisiconorm is het spreiden van de renterisico’s van de leningenportefeuille waardoor een verandering in de rente vertraagd doorwerkt in de rentelasten van de gemeente. Om hieraan te voldoen, wordt bij de keuze voor looptijd van de lening een goede spreiding van de aflossingen over de jaren gewaarborgd. De onderstaande tabel maakt inzichtelijk dat in 2025 geen overschrijding heeft plaatsgevonden van deze norm.
(bedragen x €1 miljoen) | ||
|---|---|---|
Renteresultaat | Primitieve begroting | Rekening |
Renterisico op vaste schuld | ||
1a Renteherziening op vaste schuld (o/g) | 0 | 0 |
1b Renteherziening op vaste schuld (u/g) | 0 | 0 |
2 Netto renteherziening op vaste schuld (1a-1b) | 0 | 0 |
3 Betaalde aflossingen | 16,9 | 16,9 |
4 Renterisico op vaste schuld (2+3) | 16,9 | 16,9 |
Renterisiconorm | ||
5 Stand van de begroting per 1 januari | 504 | 504 |
6 Het bij ministeriele regeling vastgestelde percentage | 20% | 20% |
7 Renterisiconorm | 100,8 | 100,8 |
Ruimte (+) / Overschrijding (-) (8-9) | 83,7 | 83,7 |
Renterisico op kortlopende financiering
Bij financiering met kortlopende contracten is er onzekerheid over de toekomstige rentelasten. Deventer gebruikt kortlopende financiering daarom alleen om schommelingen in de liquiditeitspositie op te vangen en niet voor het financieren van langlopende investeringen. Ook wettelijk is het gebruik van kortlopende leningen beperkt. De kasgeldlimiet beperkt de toelaatbare omvang van de netto vlottende schuld tot 8,5% van de begrote lasten.
De gemeente heeft een maximaal rekening-courant krediet van €28 miljoen om schommelingen in de beschikbare liquiditeit op te vangen. Hiermee blijft de gemeente binnen de kasgeldlimiet van €42,8 miljoen. Onderstaande tabel maakt inzichtelijk dat dit in het afgelopen jaar ook daadwerkelijk het geval is geweest. Overschrijding van de kasgeldlimiet heeft formele consequenties wanneer dit langere tijd aanhoudt. De provincie dient als toezichthouder op de hoogte te worden gebracht wanneer er in drie opeenvolgende kwartalen sprake is van een overschrijding.
(bedragen x €1 miljoen) | ||||
|---|---|---|---|---|
Toets kasgeldlimiet | Kwartaal 1 | Kwartaal 2 | Kwartaal 3 | Kwartaal 4 |
Kasgeldlimiet (8,5% van begrotingstotaal) | 42,8 | 42,8 | 42,8 | 42,8 |
Gemiddelde netto vlottende schuld | -62,1 | -42,5 | -60,6 | -60,3 |
Overschrijding (-) ruimte (+) | 104,9 | 85,3 | 103,4 | 103,1 |
Liquiditeitsrisico
Liquiditeitsrisico is de situatie dat de gemeente niet aan haar financiële verplichtingen kan voldoen door een tekort aan liquide middelen. Dit risico wordt beheerst door kredietruimte aan te houden op de rekening-courant. Overtollige liquide middelen worden aangehouden bij het Rijk (het verplichte schatkistbankieren), het risico op versnippering van geld op verschillende kas- en banksaldi is beperkt. Tot slot is er goede en vlotte toegang tot aanbieders op de geldmarkt waardoor het liquiditeitsrisico zeer klein is.
Schatkistbankieren betekent dat de gemeente wettelijk verplicht is om tijdelijk overtollige middelen (liquiditeitsoverschotten) die boven een wettelijk geregeld saldo (2% van het begrotingstotaal) uitkomen, moet stallen bij het Rijk. De gemeente Deventer heeft dit gewaarborgd door ervoor te zorgen dat een positief saldo op de lopende rekeningen automatisch wordt afgeroomd boven een bepaald bedrag.
Onderstaande tabel laat zien dat in het afgelopen jaar in alle kwartalen is voldaan aan de limiet voor het schatkistbankieren.
(bedragen x €1 miljoen) | ||||
|---|---|---|---|---|
Toets limiet schatkistbankieren | Kwartaal 1 | Kwartaal 2 | Kwartaal 3 | Kwartaal 4 |
Toegestaan saldo (2% van begrotingstotaal) | 10,0 | 10,0 | 10,0 | 10,0 |
Gemiddeld saldo gemeentelijke rekeningen op dagbasis | 2,4 | 2,4 | 1,9 | 3,2 |
Overschrijding (-) ruimte (+) | 7,6 | 7,6 | 8,1 | 6,8 |
Kredietrisico
De kredietrisico’s zijn beperkt tot situaties waarin een van de partijen waaraan de gemeente leningen heeft verstrekt niet in staat is om deze terug te betalen. In die gevallen ontstaat een risico dat de gemeente de betreffende lening moet afschrijven. Uitzettingen zijn op grond van het Treasurystatuut slechts toegestaan uit hoofde van de uitvoering van een publieke taak waardoor dit risico beperkt is tot de uitgeleende middelen aan hoofdzakelijk verbonden partijen. De tabel in paragraaf 6.6.4 toont de hoofdsom per tegenpartij. Zoals te zien bedraagt het maximale kredietrisico op één partij €10,88 miljoen (Deventer Sportbedrijf).
EMU saldo
Het EMU-saldo van de gemeente Deventer draagt bij aan het totale EMU-saldo van het Rijk en alle mede-overheden. De berekening van het EMU-saldo gaat uit van ontvangsten en uitgaven en wijkt daarom af van het saldo van baten en lasten zoals dat in de begroting is gepresenteerd. Bij een sluitende begroting kan een gemeente daardoor toch een negatief EMU-saldo hebben.
Het ministerie van BZK publiceert in lijn met de Wet Hof individuele EMU-referentiewaarden. De
referentiewaarden voor gemeenten zijn in de septembercirculaire van het gemeentefonds opgenomen. Voor alle gemeenten geldt een maximale overschrijding van 0,34% BBP, voor Deventer is dit bij een begroting van €486 miljoen een bedrag van €25 miljoen. De referentiewaarde is indicatief en overschrijding door een individuele gemeente heeft geen directe consequenties. Onderstaande tabel toont de opbouw van het EMU-saldo.
(bedragen x €1.000) | ||
|---|---|---|
Omschrijving | Primitieve begroting | Rekening |
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) | 1.300 | 14.583 |
Mutatie (im)materiële vaste activa | 51.178 | 39.225 |
Mutatie voorzieningen | 156 | 103 |
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) | 575 | -9.213 |
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa | 0 | 0 |
EMU saldo | 53.209 | -15.326 |
EMU referentiewaarde | 25.005 | 25.005 |
Ruimte (+) / Overschrijding (-) tov referentiewaarde | 28.204 | -40.331 |

