Vaste activa - Materiële vaste activa met economisch nut

Algemeen

Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend, inclusief de direct toe te rekenen salariskosten. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd.

Investeringen met economisch nut

Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingspijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht.

Warme gronden

Volgens de notitie “Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2023)” worden gronden die zijn verworven met het oog op gebiedsontwikkeling, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld opgenomen onder de materiële vaste activa (artikel 52 lid 1 onderdeel a BBV). Dergelijke gronden worden in de regel aangeduid als “warme gronden”. Het toerekenen (activeren) van andere kosten is daarbij niet toegestaan.

Gronden die zijn verworven met het oog op concrete ontwikkeling door de gemeente, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld mogen, voor wat betreft de toepassing van artikel 65 lid 1 BBV, worden gewaardeerd tegen de waarde volgens de toekomstige bestemming, mits op basis van de notitie “Grondbeleid in begroting en jaarstukken” (2019) en de aanpassing van de voorwaarden warme gronden wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • de gronden moeten deel uitmaken van een door de raad vastgestelde omgevingsvisie of programma voor (een) concrete en binnen afzienbare tijd te starten grondexploitatie(s), waarin de gebiedsontwikkeling van totaalplan naar deelgrondexploitaties is vastgelegd én;
  • de (toekomstige) bestemming(en)/functies (ontwikkeling) betreffende het plangebied dien(en)t goed onderbouwd te worden én;
  • de gebiedsontwikkeling mag niet zodanig conflicteren met de uitkomst van de inventarisatie van bedreigingen die de ontwikkeling in de weg kunnen staan, bijvoorbeeld op het gebied van milieu of bereikbaarheid én;
  • de visie/het masterplan mag niet strijdig zijn met beleid van de provincie en/of rijk én;
  • periodiek (minimaal eens in de 2 jaar) worden de gronden getaxeerd tegen de waarde volgens de toekomstige bestemming, met inachtneming van de inherente onzekerheden van de ontwikkelmogelijkheden.

Afschrijvingstermijn Slim Warmtenet Zandweerd

Met ingang van boekjaar 2025 zijn de afschrijvingstermijnen herijkt, in lijn met de landelijke ontwikkelingen in de sector slimme warmtenetten. De volgende soorten activa zijn van toepassing.

  • Distributienetten en inpandig leidingwerk: 40 jaar (was 30 jaar)
  • Afleversets en draaiende delen in woningen: 15 jaar (ongewijzigd)
  • Techniek in de technische ruimten: 20 jaar (was 15 jaar)

Deze herijking is goedgekeurd door de gemeenteraad op 17 september 2025. Deze afschrijvingstermijnen worden vanaf 2025 toegepast in de jaarrekening. Daarnaast zijn de activa voor het Slim Warmtenet specifiek gedefinieerd in de Nota activeren en afschrijven van de gemeente, geldig vanaf 1 januari 2026. Deze nota is met Raadsbesluit 2025-686 door de raad vastgesteld op 28 januari 2026.

Activering Slim Warmtenet Zandweerd versus ontvangen subsidiegelden van De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

De investeringssubsidies die zijn ontvangen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) zijn in de jaarrekening nog niet in mindering gebracht op de lopende investeringen. Deze subsidies zijn verantwoord onder de post "vooruit ontvangen bedragen". Dit zal meegenomen worden in de actualisatie van de projectrealisatie en voorbereiding Warmtebedrijf.

Investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing wordt geheven

Wanneer investeringen grotendeels of meer worden gedaan voor riolering, het inzamelen van huishoudelijke afval of andere alsook voor rechten die op grond van art. 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden geheven, dan worden deze investeringen op de balans opgenomen in een aparte categorie: de investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven.

Wijziging bestemming activa

Van activa waarvan de bestemming wijzigt (bijvoorbeeld door verkoop) wordt conform artikel 63, lid 5 BBV de actuele waarde van de nieuwe bestemming toegelicht (verkoop- of taxatiewaarde). Wanneer de duurzame gebruiksintentie eindigt (door verkoopvoornemen), dan wordt het object onder de vlottende activa (voorraden) gerubriceerd. Is de actuele waarde lager dan de boekwaarde, dan vindt afwaardering plaats.

Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur afgeschreven. De verplichting om alle investeringen te activeren volgens de nieuwe methode geldt alleen voor investeringen die vanaf het begrotingsjaar 2017 zijn gedaan.

Door de invoering van de nieuwe systematiek blijven verschillen bestaan in de wijze waarop mag worden afgeschreven op investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut die vóór het begrotingsjaar 2017 zijn gedaan. Om inzicht te geven in het deel van de activa dat wel vergelijkbaar is qua systematiek is in het verloopoverzicht in de toelichting op de balans aangeven welk bedrag volgens de nieuwe systematiek is verantwoord en welk deel volgens een andere systematiek.

In erfpacht uitgegeven gronden.

Voor in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs; dit is de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen. Gronden in eeuwigdurende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde. Eventuele afkoopsommen voor voortdurende contracten zijn verwerkt onder de langlopende schulden en vervallen naar rato van afkoopperiode vrij ten gunste van het resultaat.